<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=afbouwkrant.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>
Logo afbouwkrant.nl
shutterstock

Thema Arbeidsmarkt en Opleiding: Hoe leiden we genoeg nieuwe arbeidskrachten op?

Hoe kun je het beste nieuwe medewerkers, zij-instromers en leerlingen voor de afbouwsector werven en opleiden? Dat is een ingewikkelde kwestie. Economische ontwikkelingen, de omvang van de orderportefeuilles van bedrijven en de arbeidsmarkt zijn continu in beweging en daarmee varieert de vraag naar arbeidskrachten. Er bestaat geen eenvoudige oplossing.

Het huidige tekort aan mankracht is een probleem voor de afbouwsector. De productie van de woningbouw nam vorig jaar toe met 6% en de utiliteitsbouw met 7,5% blijkt uit cijfers van het Economisch Intituut voor de Bouw (EIB). De woningnieuwbouw kan ook dit jaar weer een stevige groei laten zien, al zal de groei wel afvlakken ten opzichte van het afgelopen jaar. De investeringen in de utiliteitssector nemen de komende twee jaar toe met 7 à 8%. De afbouwsector heeft verder te maken met een maatschappelijk vraagstuk. Reden zijn de regeringsafspraken die in het Klimaatakkoord zijn opgenomen. Deze afspraken stimuleren de bouwactiviteiten, waardoor er nog meer mankracht nodig is.

Onderzoeken

USP Marketing Consultancy heeft in opdracht van NOA toekomstige ontwikkelingen die in de afbouw spelen onderzocht. Eén van de onderwerpen die aan bod komt is het gebrek aan personeel. Tijdens de crisisjaren vond een grote uitstroom van gekwalificeerde medewerkers plaats. Daar ondervindt de afbouw tot op heden de gevolgen van. Het tekort aan mankracht heeft invloed op het bedrijfsbeleid van ondernemers. Niet alleen hebben ze te maken met onvoldoende capaciteit vanwege een tekort aan mankracht (kwantitatief), maar ook is er een gebrek aan mensen met specialistische kennis en vaardigheden (kwalitatief). Dit heeft invloed op zowel de mogelijkheden van bedrijven om projecten aan te nemen en uit te voeren, als op de kwaliteit van het uitgevoerde werk.

Ook het EIB heeft (in opdracht AF-NL-NOA) vorig jaar onderzoek verricht. Uit de cijfers blijkt dat de afbouwsector in de periode 2018-2022 op zoek moet naar 6.500 arbeidskrachten.

"De afbouwsector zoekt in de periode 2018-2022 6.500 arbeidskrachten"

Het gaat hierbij zowel om vervanging vanwege uitval (onder meer vanwege pensionering van medewerkers) als om extra mankracht. Nieuwe leerlingen en zij-instromers kunnen gedeeltelijk voorzien in de extra vraag. Daarnaast kunnen bedrijven arbeidskrachten uit het buitenland inhuren. Toch zal de arbeidsmarkt gespannen blijven en kan het tekort aan personeel zelfs nog oplopen de komende jaren.

Leerlingen en zij-instromers

Tijdens de crisis is het aantal leerlingen dat een bouwopleiding volgt, sterk afgenomen. Via ROC's komen er mondjesmaat leerlingen bij. Het gaat relatief goed bij de grotere opleiding tot stukadoor en ook met de kleinschalige opleiding tot bewerker natuursteen. Andere kleinschalige opleidingen hebben het moeilijk. Voor deze sectoren zijn vaak niet genoeg leerlingen beschikbaar om een klas te kunnen vormen. Dit geldt momenteel voor de plafond- en wandbedrijven en vloeren- en terrazzo-ondernemingen.

Hoe trek je voldoende nieuwe leerlingen? Als je te maken hebt met jongeren die op het VMBO zitten, is het belangrijk je te realiseren dat zij vaak een passieve en afwachtende houding tonen. Voor hen is de afbouw een relatief onbekende en daarmee minder aantrekkelijke sector om voor te kiezen. Het actief benaderen van deze leerlingen kan helpen hen te motiveren, zodat ze tóch kiezen voor een opleiding in de afbouw. Denk hierbij aan stages, gastlessen en meeloopdagen.

Positieve geluiden zijn er ook. Als leerlingen eenmaal een bbl-opleiding volgen, dan blijken ze daar in grote meerderheid (80%) enthousiast over te zijn. Ze zijn vooral blij, omdat ze een baan hebben en in de praktijk werkervaring opdoen. Met de wekelijkse schooldag hebben ze meer moeite, omdat ze dit te theoretisch van opzet vinden.

Via reguliere opleidingen stromen te weinig jongeren in. Zij-instromers kunnen de druk op de arbeidsmarkt deels verlichten. Dit zijn mensen met werkervaring, die een baan hebben of daar naar zoeken. Zij kunnen ervoor kiezen om van loopbaan te veranderen en in de afbouwsector aan de slag te gaan.

De groep zij-instromers vraagt om een andere benadering dan jongeren. Je zult hen niet snel in het reguliere onderwijs aantreffen. De meesten gaan direct aan het werk zonder een opleiding te volgen. Reden hiervoor is het verlies aan inkomsten als ze via een leer-werk constructie aan de slag zouden gaan. De meeste zij-instromers hebben vanwege hun arbeidsverleden een hoger garantieloon. Wekelijks een onbetaalde schooldag volgen heeft voor hen grotere financiële consequenties dan voor jongeren. Op jaarbasis lopen ze dan tot ongeveer € 9.000 aan inkomsten mis.

Financiering

Daarnaast speelt de kwestie van de (overheids)financiering van de opleidingen. Niet alleen de overheid, maar ook de bouw levert een aanzienlijke financiële bijdrage aan de financiering van het onderwijs. Voor de bouw gebeurt dat in de vorm van de afdracht aan opleidings- en ontwikkelingsfondsen. Dit geldt niet voor zzp'ers.

"Zij-instromers vragen om een andere benadering dan jongeren"

De overheid is niet consequent als het gaat om de financiering van het onderwijs. Als je als leerling praktijkonderwijs volgt, heb je ook te maken met materialen die je nodig hebt voor het vak dat je leert. Bovendien is voor de afbouwopleidingen een praktijklokaal nodig. Het ROC ontvangt van de overheid echter voor iedere MBO-scholier een vaststaand bedrag, ongeacht de opleiding. Om ervoor te zorgen dat nieuwe medewerkers goed gekwalificeerd zijn is niet alleen meer geld nodig.

Suggesties

Om het onderwijs aantrekkelijker en haalbaar te maken zijn verschillende veranderingen mogelijk. Zoals het samenvoegen van vakken (door opleidingen binnen een ROC te combineren), een mogelijke opleiding tot allround vakman (verwante vakken combineren), en het werken met certificaten (als de overheid hieraan financieel
bijdraagt).

Dit werkt vooral goed als je gespecialiseerde vakcentra opricht, waarbij leerlingen fulltime werken en op bepaalde momenten een op maat gemaakte training volgen die ze kunnen afsluiten met een certificaat.

Voor dit artikel is informatie uit onderstaande onderzoeken en rapporten gebruikt:

Trends en Ontwikkelingen in de Afbouw: 2018-2028, NOA,

Gespecialiseerde aannemerij en afbouw: Optimale opleidingsstructuur, EIB,

Trends en Ontwikkelingen in de Bouwsector, Trendonderzoek 2018, USP Marketing Consultancy,

Verwachtingen bouwproductie en werkgelegenheid 2019, EIB.


<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=afbouwkrant.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>
Meer berichten
<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=&size=160x600&promo_sizes=120x600&cb=[CACHEBUSTER]&promo_alignment=center&referrer=afbouwkrant.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>
<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=afbouwkrant.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>